Schoorsteenproblemen

Meestal manifesteren problemen met de schoorsteen zich door het verschijnen van vochtplekken. Condensatie wordt gevormd op de plaatsen waar de rookgassen teveel afkoelen of in aanraking komen met een oppervlak dat een te lage temperatuur heeft (minder dan 55°C). Ook slecht trekken of opstarten van schoorstenen kan problemen geven.

De meeste problemen met schoorstenen zijn aan een van de volgende oorzaken te wijten :

  • De schoorsteen koelt te snel af.
  • Hij is ofwel slecht geïsoleerd of te groot voor het aangesloten vermogen.
  • Het voeren of tuberen van de schoorsteen is aangewezen.
  • De schoorsteen staat in overdruk.
    Dit is meestal te wijten aan een slecht geconstrueerde uitmonding (vernauwing) of een uitmonding in een verstoorde zone (zone 2 of 3).
  • De voorschriften in verband met uitmonding moeten nageleefd worden.
Uitmondingzones voor schoorstenen (afmetingen in meter)


Om de goede werking van uw schouw te controleren. Uw installateur kan nagaan of de gemeten trek overeenkomt met de eisen van het geïnstalleerde toestel (zich eventueel baseren op de instructies van de fabrikant van het toestel) en u raad geven wanneer aanpassingen of verbeteringen aan uw installatie moeten worden aangebracht.